Hoe kan zetmeel plots suiker worden?

Wist je dat…
Zetmeel in de dunne darm van het paard afgebroken wordt tot suiker? Als je een suikergevoelig paard hebt, let je dus niet enkel op het suikergehalte van het rantsoen, maar ook op het zetmeelgehalte.

Wanneer een paard krachtvoer kauwt, bijt het de graankorrels kapot. Zo kan het zetmeel uit de graankorrel, dat verpakt zit in een jasje van vezels en cellen, de enzymen bereiken die het zetmeel moeten verteren. Die vertering gebeurt in de dunne darm. Daar breken de amylase-enzymen het zetmeel af in suikers. De suikers uit het zetmeel worden samen met de enkelvoudige suikers uit de granen via de darmwand in het bloed opgenomen. Daar zorgen ze ervoor dat de bloedglucose stijgt, wat dan weer resulteert in energie.

Het is van groot belang dat dat proces vlot verloopt en dat al het zetmeel uit de maaltijd verteerd kan worden, maar dat is niet vanzelfsprekend. Er is namelijk maar een beperkte hoeveelheid amylase beschikbaar. Als er niet voldoende amylase beschikbaar is voor de hoeveelheid zetmeel die in de dunne darm terechtkomt, zal het onverteerde zetmeel doorstromen naar de dikke darm en daar voor problemen zorgen. Bij de enkelvoudige suikers is dat niet het geval, want die kunnen zonder tussenkomst van amylase onmiddellijk opgenomen worden door de darmwand.

Enkele tips om te voorkomen dat zetmeel onverteerd in de dikke darm terechtkomt:

  • Verdeel krachtvoer over verschillende voederbeurten.
    Zo komt er niet te veel zetmeel tegelijkertijd in de dunne darm.
  • Gebruik licht verteerbare zetmeelbronnen.
    Maïszetmeel is slecht verteerbaar, terwijl haver goed verteerd wordt in de dunne darm van het paard.
  • Of maak het zetmeel van granen beter beschikbaar door ze te behandelen.
    Gepoft maïs is bijvoorbeeld gemakkelijker verteerbaar.

Pro’s en contra’s van suiker en zetmeel

+ Goede energiebron voor gezonde paarden
Wanneer paarden suiker en zetmeel opnemen via het voer, zal bij de vertering de suikerspiegel (= glucosespiegel) in het bloed stijgen. Het lichaam zal hierop reageren door insuline te produceren. Die insuline zorgt ervoor dat de glucose
door de cellen van het lichaam opgenomen wordt, waar het als brandstof kan dienen.

- Te veel suiker vergroot het risico op insulineresistentie
Grote hoeveelheden suiker veroorzaken schommelingen in de bloedsuikerspiegel, en vergroten dus het risico op insulineresistentie. Voor paarden die al insulineresistent zijn, moeten zelfs kleine hoeveelheden suiker en zetmeel vermeden worden.

BELANGRIJK: Een paardeneigenaar is zich bewust van wat zijn paard nodig heeft. Een sportpaard kan suiker en zetmeel goed gebruiken als energiebron, terwijl paarden met metabole aandoeningen zetmeel en suiker kunnen missen als kiespijn. Voor deze laatste groep tel je het suiker- en zetmeelgehalte het best op om een voederkeuze te maken.

 

Voor jou geselecteerd