Vijf tips om de ideale caviakooi te kopen

1. Hoe groter de caviakooi, hoe beter

De meeste kooien zijn ontworpen voor kleinere knaagdieren, terwijl cavia's best groot zijn. Tegelijk houd je er het best twee, omdat het heel sociale dieren zijn. Je hebt dus een grote caviakooi nodig, om ze zonder problemen bij elkaar te houden. Dat is ook erg belangrijk, aangezien cavia's onderling verschillende persoonlijkheden kennen en ondanks hun sociale aard wel eens nood aan privacy hebben.
Als je twee schattige, pluizige cavia's hebt (en dat raden we zeker aan), investeer je het best in een kooi van ongeveer één vierkante meter.

2. Voorzie in frisse lucht

Ventilatie in de caviakooi is essentieel. Gelukkig zijn de meeste kooien gemaakt van materialen die een vrije circulatie van lucht mogelijk maken. Maar verwar ventilatie niet met tocht. Tocht is dodelijk voor een cavia. Het verschil? Bij tocht komt een (koude) luchtstroom in direct contact met de dieren, bij ventilatie niet.

3. Kies een eenvoudige caviakooi

Simpel gezegd moet je vrolijke cavia elk deel van de kooi zonder problemen kunnen verkennen. Tegelijk moet de kooi ook voor jezelf gemakkelijk toegankelijk zijn. Kies een caviakooi met grote deuren (zowel aan de bovenkant als aan de zijkant), zodat je je cavia's zonder moeite kan oppakken.
Kies een caviakooi die je gemakkelijk schoon kan houden. Dat bevordert de hygiëne en voorkomt dat de kooi begint te stinken.

4. Maak het jezelf niet moeilijk

Kies een caviakooi die je gemakkelijk schoon kan houden. Dat bevordert de hygiëne en voorkomt dat de kooi begint te stinken. Het begint al goed wanneer je een kooi met grote deuren kiest. Verder hebben kooien het best een plastic bodem: die vallen vlot te reinigen en te drogen.

5. Bied veiligheid en privacy

Cavia's hebben geen looprad nodig. Als hun caviakooi groot genoeg is, krijgen ze immers al voldoende beweging. Bovendien kan een cavia zich bezeren in een looprad, aangezien het dier een stroeve ruggengraat heeft.

Hoewel cavia's in je huis vooral veel liefde krijgen en zich hoegenaamd geen zorgen moeten maken over roofdieren, blijven het van nature prooidieren. Die zich nog altijd het liefst in een schuilplaats verstoppen, als ze zich onveilig voelen. Voorzie dus in houten huizen, tunnels enzovoort, om ze de nodige privacy te gunnen.

Voor jou geselecteerd